14 februari 2011, door Martin Verstelle
Het al dan niet bestaan van een relatie tussen de yoga-filosofie en de theorie van de Superpromoter spookt al twee maanden door mijn hoofd sinds de eerste dag van de Super Promoter Academy in november en de start van mijn opleiding tot Ashtanga Yoga Docent.
Met de bestudering van de yoga filosofie afgelopen week viel er een spreekwoordelijk kwartje. Het verbindende woord is enthousiasme. De yoga filisofie beschrijft een levenswijze die je dichtbij jezelf brengt, zodat je de aanwezige levensenergie weer bewust gaan voelen. Het is die levensenergie die voeding geeft aan groei, aan creatie en aan enthousiasme in en voor het leven. Dat leven dat tot uiting komt in een harmonieus samenspel tussen lichaam en een geest. Een yogi beschouwt het eigen lichaam en de eigen geest als basis van het leven. Andere, meer materiële zaken zijn van ondergeschikt belang.
In de moderne materialistische samenleving zijn veel mensen deze basisfilosofie vergeten. Materiële zaken, verworven posities en relaties worden als verlengstuk gezien van het eigen lichaam en de eigen geest. Een bedreiging van dit verlengstuk lokt eenzelfde reactie op als een bedreiging van eigen lichaam of geest, namelijk aversie of afstoting. En hier wordt de antipromoter geboren. De persoon zelf is vaak niet onder bedreiging, wel zijn imaginaire materiële of emotionele verlengstuk, in de vorm van een product of relatie.
Als een yogi dan zich slechts ‘druk’ maakt om het eigen lichaam en de eigen geest, kan hij of zij dan wel een superpromoter zijn van iets als een product, een merk of een bedrijf? Het antwoord is ja. Genieten van mooie dingen in het leven, producten, merken en mensen kan zonder voorbehoud en dit enthousiasme kan ook met volle overgave worden geventileerd naar anderen. Een belangrijk aspect hierbij is dat het enthousiasme vrij is van hechting. Dit maakt de promotie tegelijk ook vluchtig. Vandaag tevreden over merk A, morgen even enthousiast over een product van merk B. Complexe Superpromoters dus...